Moestuin winterklaar maken. 15 Tips.

 

De dagen worden nu snel korter. Het daglicht wordt minder en de moestuin gaat langzaam over in rust. Zwarte aarde wordt weer zichtbaar en de winterrust van de tuinder komt steeds dichterbij 😉

Toch gaan sommigen gewoon door in de moestuin, zoals de bloemen. Ze bloeien als nooit tevoren, maar de uitgebloeide bloemen verraden dat het eind nadert. Andere planten zijn al een stuk verder. Gele bladeren tonen de vergankelijkheid van de tuin. Ik word er altijd een beetje triest van, hou meer van de opbouw in het voorjaar dan van de afbouw in het najaar. Maar dit is de moestuin….. meebewegen op het ritme van de seizoenen.

 

Tips om de moestuin winterklaar te maken.

  1. Groente die “klaar” is  verwijderen. Vakken komen leeg en kunnen bedekt worden met mulch van bijvoorbeeld compost, grasmaaisel of bladeren. Door gebruik van mulch gaat het bodemleven een maand langer door. Meestal begin ik met mulchen in november. De buitentemperatuur is dan wat lager, wat prettiger werken is. Bovendien groeit het onkruid minder en kan het nog verwijdert worden voordat de mulch erop gaat.
  2. Bescherm kwetsbare planten, bijvoorbeeld kruiden als rozemarijn en tijm. Gebruik compost en bladeren rond de voet van de plant, bij extreme kou kan je de plant ook beschermen met vliesdoek of plastic.
  3. Zet potplanten in de kas waar ze droog en windvrij staan. Bescherm de pot evt met bubbelplastic.
  4. Verwijder dode plantresten en gooi ze op de composthoop. Of gebruik ze als mulch.
  5. Zet de composthoop nog een keer om.  De wormen en andere beestjes zullen bij kou in het midden van de hoop gaan zitten, dus als de buitentemperatuur kouder wordt kan je de hoop beter met rust laten.
  6. Start eventueel een nieuwe composthoop  of maak een tijdelijke bak om alle plantenresten kwijt te kunnen.
  7. Blijf onkruid verwijderen.
  8. Snoei de herfstframbozen op de grond af. Ze geven vrucht op nieuw hout. Bij zomerframbozen is dit anders, zij geven vrucht op 1 jarig hout, en daarom moet je bij zomerframbozen direct na de oogst de takken snoeien die gedragen hebben. De nieuwe scheuten geven het jaar daarop oogst.
  9. De asperges worden langzaam geel. Snoei ze net boven de grond af.
  10. Oogst de witlofwortels vóór de eerste vorst. Vorig jaar schreef ik een blogpost over succesvol witlof telen, deze kan je hier lezen.
  11. Sla tuinmateriaal als stokken, touw en netten droog op. Dit voorkomt ziekten veroorzaakt door schimmels. Bovendien blijft het materiaal langer bruikbaar.
  12. Sluit platte bakken en de kas als  (nacht)vorst voorspelt wordt.
  13. Oogst vorstgevoelige groente voordat het gaat vriezen, bijvoorbeeld sla, zoete aardappel, broccoli en zomerwortels.
  14. Haal de dahlia’s uit de grond. In theorie zou dit na de eerste nachtvorst nog kunnen, maar ik doe het graag op tijd. Sla ze droog en vorstvrij op.
  15. Droog zonnebloempitten en geef ze aankomende winter aan de vogels.

 

Bijen.

Laat eenjarige bloemen zo lang mogelijk staan. De bijen zullen je dankbaar zijn!